Ga naar de inhoud
Etusivu » Blog » Sloterplas: de blauwgroene long van Amsterdam Nieuw-West

Sloterplas: de blauwgroene long van Amsterdam Nieuw-West

Sloterplas

Midden in de Westelijke Tuinsteden van Amsterdam ligt een van de meest geliefde recreatiegebieden van de stad, en toch is het geen natuurlijk ontstaan meer. De Sloterplas is volledig door mensenhanden gegraven, en het verhaal achter haar ontstaan zegt veel over hoe Amsterdam na de oorlog werd heropgebouwd. Vandaag de dag vormt de plas het blauwgroene hart van de wijk, geliefd bij wandelaars, hardlopers, fietsers en watersportliefhebbers. Dit artikel duikt in de geschiedenis van de Sloterplas en laat zien wat het gebied vandaag de dag te bieden heeft.

Van veenmeer tot drooggemalen polder

Waar nu de Sloterplas ligt, lag ooit de Slotermeer, een ondiepe veenplas ten noordoosten van het voormalige dorp Sloten. Deze plas werd in 1644 met behulp van een windmolen drooggemalen, waarna het gebied bekendstond als de Sloterdijkermeerpolder. Deze polder lag meer dan twee meter lager dan de omliggende grond en bestond voornamelijk uit klei en veen, onbebouwd en agrarisch van aard, tot het gebied eeuwen later een geheel nieuwe bestemming zou krijgen.

Het Algemeen Uitbreidingsplan van Van Eesteren

De basis voor de huidige Sloterplas werd gelegd in het Algemeen Uitbreidingsplan van 1934-1935, ontworpen onder leiding van stedenbouwkundige Cornelis van Eesteren. In dit plan werd groen voor het eerst gezien als een onmisbare stedelijke voorziening, die in nauwe samenhang met de nieuwe woonwijken een gunstige invloed moest hebben op de volksgezondheid van de bevolking. Het idee was simpel maar ambitieus: de laaggelegen Sloterdijkermeerpolder weer uitgraven en onder water zetten, zodat er een groot recreatiegebied zou ontstaan temidden van de nieuw te bouwen Westelijke Tuinsteden.

Het graven van de plas: 1942 tot 1956

De daadwerkelijke aanleg van de Sloterplas verliep in fasen en besloeg een lange periode. Al in 1942 werd begonnen met graafwerk voor een deel van de haven aan de noordwestzijde, nog buiten de oude polder zelf, terwijl de polder tot 1948 in agrarisch gebruik bleef. Pas tussen 1948 en 1956 werd de plas in haar huidige vorm uitgegraven, met een diepte van circa dertig meter. Het zand dat hierbij vrijkwam, werd niet weggegooid, maar direct gebruikt om de nieuwe tuinsteden Slotermeer, Geuzenveld en Slotervaart op te hogen, waarmee de plas letterlijk de bouwgrond leverde voor de wijken eromheen.

Het Sloterpark: recreatie als stedenbouwkundig uitgangspunt

Rondom de plas werd tussen 1958 en 1974 het Sloterpark aangelegd, ontworpen als een groot volkspark met een keur aan recreatievoorzieningen. De stadsontwikkelingsafdeling zag hierin een bewuste tegenhanger voor de drukte van het stadsleven: een plek waar bewoners van de nieuwe tuinsteden tot rust konden komen. Dit resulteerde onder meer in een imposant strandbad en diverse watersportvoorzieningen, precies zoals de planners van het Algemeen Uitbreidingsplan zich decennia eerder hadden voorgesteld.

Kunst in het park

Het Sloterpark herbergt werk van verschillende gerenommeerde kunstenaars, waaronder Wessel Couzijn, Ad Molendijk, Cor de Reus en André Volten. Een bijzondere blikvanger is het Allende-monument uit 1974 van Ton Blommerde, een geabstraheerde vuist die is opgebouwd op de wijze waarop ook de Inca’s bouwden, met betonnen stenen zonder voegmiddel op elkaar gestapeld. Het beeld staat aan de President Allendelaan, een straat die tot 1974 nog Westoever heette.

Zwemmen, varen en watersport

Sinds 1957 ligt aan de noordwestzijde van de plas het Sloterparkbad, dat in 1973 werd voorzien van een overdekt zwembad en in 2001 volledig vernieuwd werd tot een modern gebouw voor de wedstrijdzwemsport. Voor liefhebbers van het strand werd in 2015 het oorspronkelijke strandje vervangen door een groter, met zand opgehoogd Sloterstrand. Zowel aan de noordwestzijde als aan de zuidoostkant van de plas ligt bovendien een haventje voor zeil- en motorboten, wat de Sloterplas tot op de dag van vandaag een levendig watersportgebied maakt.

Het rondje Sloterplas: een geliefde traditie

Wie in Amsterdam over een “rondje Sloterplas” spreekt, heeft het over een vaste route van ongeveer 5,8 kilometer rondom het water. De een legt deze route wandelend af, de ander fietsend, hardlopend of zelfs op skeelers, en in de winter wordt er soms zelfs langlaufend rondgegaan als de omstandigheden dat toelaten. Deze veelzijdigheid in gebruik maakt het rondje tot een van de meest terugkerende vrijetijdsroutines voor bewoners van Amsterdam Nieuw-West, ongeacht het seizoen.

De long van Nieuw-West

Bewoners omschrijven de Sloterplas vaak als de long van Nieuw-West, vanwege de weidse, groene ruimte en de frisse lucht die het gebied biedt te midden van de dichtbebouwde stad. Schaduwrijke wandelpaden, open grasvelden, een kinderboerderij en kanoverhuur maken het gebied geschikt voor vrijwel iedereen, van de solitaire wandelaar tot gezinnen met kinderen die een hele middag willen doorbrengen aan het water.

Een groen hart temidden van de wijken

Wat de Sloterplas bijzonder maakt binnen de stedenbouw van Amsterdam, is hoe bewust zij is ontworpen als het middelpunt van de omliggende wijken, waaronder Osdorp, in plaats van als toevallige restruimte. De plas en het omliggende park vormen letterlijk het middelpunt van de Westelijke Tuinsteden, precies zoals Van Eesteren dat destijds voor ogen had: een groene, waterrijke long die de dichtbevolkte naoorlogse wijken eromheen leefbaar houdt.

Behoud van natuur na protesten van bewoners

Niet het hele Sloterpark kreeg dezelfde, sterk aangelegde inrichting. Na protesten van bewoners is een deel van het gebied als natuurgebied behouden gebleven en aangevuld met een heemtuin en een natuurtuin. Dit heeft ervoor gezorgd dat het Sloterpark vandaag de dag uit verschillende, van elkaar te onderscheiden parkonderdelen bestaat, die door een consistente ontwerptaal langs de oevers toch als één samenhangend gebied worden ervaren.

Conclusie

De Sloterplas is een treffend voorbeeld van hoe naoorlogse Nederlandse stedenbouw groen en recreatie bewust centraal stelde bij de opbouw van nieuwe wijken. Van drooggemalen veenpolder tot dertig meter diepe, gegraven recreatieplas, en van kaal zandgebied tot het huidige, kunstrijke Sloterpark met strand, jachthavens en een rondje van bijna zes kilometer, de Sloterplas blijft ruim zeventig jaar na haar ontstaan een van de meest gewaardeerde groene plekken van Amsterdam Nieuw-West.